
Twee mountainbikes op het dak
De Duitse automobielclub ADAC mat hoeveel extra brandstof een fietsendrager kost. Op de trekhaak was dat ruim 6 procent, op het dak 34 procent en op de achterklep zelfs 44 procent. Waar je de fietsen hangt, maakt dus veel uit.
Wie met de auto op vakantie gaat of een weekend wil fietsen in Limburg, de Ardennen of de Eifel, neemt de fietsen vaak mee. Op het dak, op de trekhaak of aan de achterklep: elke drager kost extra brandstof, maar het verschil tussen de drie is groter dan veel mensen denken. De Duitse automobielclub ADAC zette drie dragers naast elkaar en mat het verbruik.
Zo is getest. De ADAC monteerde twee e-bikes op een VW Tiguan, een hoge SUV, met telkens een duurdere drager uit het aanbod: één voor de trekhaak, één voor het dak en één voor de achterklep. Daarna volgden verbruiksritten, rem- en uitwijktests en een botsproef op 30 kilometer per uur. Het verbruik werd vergeleken met een rit zonder drager.
De uitkomst bij 130 kilometer per uur. Met de drager op de trekhaak lag het verbruik maximaal 6,3 procent hoger. Met de fietsen op het dak was dat 34,2 procent, en met de drager aan de achterklep zelfs 44,3 procent. Ook bij 100 kilometer per uur was hetzelfde beeld al te zien. De verklaring is luchtweerstand. Op het dak staan de fietsen in de lengte vol in de wind, aan de achterklep staan ze dwars in de luchtstroom. Op de trekhaak zitten ze grotendeels in de luwte achter de auto.
Ook bij een elektrische auto. In een aparte test met een elektrische Kia EV6 op gemiddeld 120 kilometer per uur kostte een drager achterop ongeveer 8 procent extra stroom. Met twee fietsen op het dak in plaats van achterop lag het verbruik zo'n 25 procent hoger. Bij een EV merk je dat niet alleen aan de kosten, maar ook aan de actieradius en dus aan extra laadstops onderweg.
Wat kost dat op een vakantierit? Een eigen rekenvoorbeeld met voorbeeldcijfers: je rijdt 1.000 kilometer op de snelweg met een auto die zonder drager 7 liter per 100 kilometer verbruikt. Dat is 70 liter. Met de fietsen op de trekhaak komt daar ruim 4 liter bij, met de fietsen op het dak bijna 24 liter en met een drager aan de achterklep 31 liter. Bij een voorbeeldprijs van 2,30 euro per liter kost de trekhaakdrager zo'n 10 euro extra, de dakdrager zo'n 55 euro en de achterklepdrager ruim 71 euro. Rijd je rustiger dan 130, dan wordt het verschil kleiner, maar de volgorde blijft hetzelfde. Met ritkosten berekenen reken je je eigen rit door, en met tanken over de grens zie je of het loont om in België of Duitsland vol te tanken.
Let op het gewicht. E-bikes zijn zwaar. Bij de geteste dakdrager mocht er maar 20 kilo per rail op, bij de achterklepdrager 25 kilo en bij de trekhaakdrager 30 kilo. Daarbij gelden ook de maximale daklast en de kogeldruk van je auto, die vind je in het instructieboekje of de papieren. In de botsproef bleven de fietsen op de trekhaakdrager zitten. Bij de achterklepdrager dreigde het hele systeem met fietsen naar achteren te klappen, en op het dak bezweek de dwarsdrager bij een licht overbelaste e-bike. De ADAC raadt bij zware fietsen op het dak beugels aan die de dwarsdrager helemaal omsluiten.
Praktische tips. Haal als het kan de accu's uit de e-bikes, controleer na zo'n 50 kilometer alle bevestigingen en rijd niet harder dan 130. Een auto met drager stuurt en remt anders, zeker bij een uitwijkmanoeuvre. En haal de drager er na de vakantie meteen af, want ook een lege drager kost brandstof.
Kortom. Heb je een trekhaak, gebruik dan een trekhaakdrager: die is het zuinigst, het makkelijkst te laden en kwam in de test het veiligst uit de bus. Volgens de ADAC kan het bij vaak gebruik zelfs lonen om er een trekhaak voor te laten monteren. Fietsen op het dak of aan de achterklep kan, maar reken dan op een flink hogere brandstofrekening.
Bron: ADAC