ACM-econoom: pompprijs daalt trager dan hij stijgt

Gepubliceerd:

Tankstationhouder met een vulpistool bij zijn tankstation in Hoogeveen

Tankstation

Foto: Truus Grit via Wikimedia Commons · Licentie: CC BY-SA 4.0

Een econoom van de ACM rekende uit dat lagere olieprijzen trager doorwerken aan de pomp dan hogere. Dat kostte tussen 2007 en 2023 2,2 tot 4,8 cent per liter.

Archief – nieuws van 22 januari 2024.

Stijgt de olieprijs, dan zie je dat binnen een paar dagen aan de pomp. Daalt de olieprijs, dan lijkt het eeuwen te duren voordat de benzine goedkoper wordt. Dat gevoel klopt, blijkt uit onderzoek dat de NOS op 22 januari 2024 beschreef. Economen noemen dit "raketten en veren": prijzen schieten omhoog als een raket en dwarrelen omlaag als een veer.

In het kort

  • Prijsdalingen gaan trager door aan de pomp dan prijsstijgingen.
  • Volgens een ACM-econoom kostte dat tussen 2007 en 2023 2,2 tot 4,8 cent per liter.
  • Juist bij dalende prijzen loont vergelijken.

Wat er is onderzocht. Het onderzoek verscheen in het economenvakblad ESB en werd gedaan door Stef de Jong, econoom bij toezichthouder de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Hij keek naar de periode 2007 tot 2023. Conclusie: omdat prijsdalingen trager werden doorgegeven dan prijsstijgingen, betaalde de consument tussen de 2,2 en 4,8 cent per getankte liter te veel. Voor iemand die één keer per maand gemiddeld 40 liter tankt, gaat het over die hele periode al snel om een paar honderd euro.

De mogelijke oorzaken. De Jong noemt er meerdere. Consumenten zoeken minder goed naar lage prijzen als de prijs daalt. Pomphouders houden elkaars prijzen in de gaten, en er is sprake van een stilzwijgende verstandhouding. Het systeem van openbare adviesprijzen helpt daar volgens hem mogelijk bij. Ook kan de hele keten trager reageren op dalingen, bijvoorbeeld door een tekort aan opslag- en verwerkingscapaciteit.

Geen kartel. Het gaat niet om verboden kartelafspraken. Daardoor valt het buiten het werkveld van de ACM, en is het voor de toezichthouder moeilijk om in te grijpen. De Jong hoopt op meer mogelijkheden. Brancheclub BETA vond de cijfers wel kloppen, maar de oorzaken niet zo sterk. Volgens BETA is concurrentie tussen pomphouders de belangrijkste reden voor prijsdalingen: "Als er een prijsvechter in het dorp gaat stunten, zal de rest toch moeten volgen."

Wat betekent dit voor jou? Jij hebt hier zelf invloed op. Het onderzoek wijst erop dat consumenten minder goed vergelijken als prijzen dalen. Juist dan loont het om dat wel te doen. Pompen die snel meebewegen met een dalende olieprijs, beloon je door er te tanken. Een paar cent per liter lijkt weinig, maar het telt op. Wie 40 liter per maand tankt, tankt 480 liter per jaar. Bij 4 cent verschil is dat ruim 19 euro per jaar. Wie twee keer zoveel tankt, bespaart het dubbele.

Wat het kost. Voor iemand die eens per maand gemiddeld 40 liter tankt, ging het over de hele periode van 2007 tot 2023 al snel om een paar honderd euro, rekende de NOS voor. De Jong noemde nog een derde mogelijke oorzaak: de hele keten reageert mogelijk trager op dalingen, bijvoorbeeld omdat er op korte termijn te weinig opslag- en verwerkingscapaciteit is als de olieproductie sterk wordt opgevoerd. Ook het systeem van openbare adviesprijzen helpt pomphouders volgens hem mogelijk bij hun stilzwijgende verstandhouding.

De pomphouders reageren. De Belangenvereniging Energie- en Tankstations (BETA) twijfelde niet aan de cijfers, maar wel aan de verklaringen. Volgens een woordvoerder is onderlinge concurrentie de belangrijkste reden voor prijsdalingen: "Als er een prijsvechter in het dorp gaat stunten, zal de rest toch moeten volgen." De concurrentie op stationsniveau is volgens BETA "best wel hevig".

Reken het uit. Zie met de tankkosten-rekenhulp wat een paar cent per liter voor jouw tank scheelt. In de grensstreek kun je met de grenstank-calculator ook de buren meenemen in je vergelijking.

Bron: NOS

Zelf uitrekenen

← Terug naar het nieuwsoverzicht